Gepubliceerd op: 24-08-2010 (in print verschenen in week 43 2010)
Citeer dit artikel als:
 Ned Tijdschr Geneeskd. 2010;154:A2459
Commentaar

Peter J. Wahab

De afgelopen decennia is onze kennis over coeliakie enorm toegenomen. Zo zijn er belangrijke veranderingen bekend geworden over prevalentie, klinische presentatie, behandeling en het optreden van complicaties. Deze nieuwe kennis is opgenomen in de CBO-richtlijn ‘Coeliakie en dermatitis herpetiformis’ (http://www.cbo.nl/Downloads/303/rl_coeliakie_08.pdf). Er zijn een aantal kanttekeningen te plaatsen bij deze richtlijn. Zo vraagt de stelligheid waarmee de prevalentie van coeliakie in Nederland op 0,5-1,3% wordt gesteld enige nuancering, is het begrip klinische verdenking op coeliakie onduidelijk en is het bij de follow-up de vraag wie wat controleert en hoe vaak.

Verschil screeningsstudies en daadwerkelijke aantal patiënten

Een opmerkelijk feit dat naar voren komt uit epidemiologisch onderzoek is het grote verschil tussen het aantal mensen met coeliakie dat bij screeningsonderzoek gevonden wordt en het daadwerkelijke aantal patiënten. De screeningsstudies worden uitgevoerd in gezonde populaties kinderen en volwassenen en laten internationaal, een prevalentie van coeliakie zien die systematisch op 0,5-1,3% ligt. Dit zou betekenen dat er in Nederland 80.000-200.000 ...

Reactie toevoegen

Er zijn nog geen reacties geplaatst.