CBO-richtlijn 'Hoge bloeddruk' (herziening)
Open

Richtlijnen
28-10-2001
D.E. Grobbee, M.K. Tuut en A.W. Hoes

- In een herziene CBO-richtlijn ‘Hoge bloeddruk’ wordt de actuele wetenschappelijke stand van zaken gegeven van opsporing, diagnostiek en behandeling van verhoogde bloeddruk en de vertaling van deze informatie naar de praktijk.

- Bij toenemende bloeddruk, zowel systolisch als diastolisch, neemt de kans op cardiovasculaire ziekte en sterfte geleidelijk toe.

- De bloeddruk geldt als verhoogd, indien deze ≥ 140 mmHg systolisch en/of 90 mmHg diastolisch is. Voor personen van 60 jaar en ouder die geen diabetes, familiaire hypercholesterolemie of manifeste hart- en vaatziekte hebben, geldt 160 mmHg als grens voor verhoogde systolische bloeddruk.

- Afhankelijk van de leeftijd van de patiënt of de hoogte van de bloeddruk wordt de diagnose ‘verhoogde bloeddruk’ gesteld na 3 of 5 metingen gedurende een periode van enkele weken (3 metingen) tot 6 maanden (5 metingen).

- Bij verhoogde bloeddruk overweegt men in eerste instantie leefstijladviezen en niet-medicamenteuze behandeling en bij uitblijven van voldoende resultaat medicamenteuze behandeling.

- Het indicatiegebied voor behandeling is gelegd bij verhoogde bloeddruk en een absoluut cardiovasculair risico van 20 per 10 jaar. Bij een absoluut cardiovasculair risico tussen de 10 en 20 per jaar kan behandeling worden overwogen.

- De streefwaarde bij behandeling is gelijk aan het criterium voor verhoogde bloeddruk.